Basisbereikbaarheid in Vlaanderen
Mobiliteit & toegankelijkheid
15 vervoerregio's in Vlaanderen

Wat mobiliteit betreft, beweegt er heel veel in Vlaanderen. Momenteel worden immers de voorbereidingen getroffen voor de uitrol van basisbereikbaarheid en de opmaak van een regionaal mobiliteitsplan. Wat betekent basisbereikbaarheid en wat kan de invloed van de ouderenraad zijn?

Van basismobiliteit naar basisbereikbaarheid

Oorspronkelijk werd basisbereikbaarheid ingevoerd als de vervanger van het concept basismobiliteit, vooral met de bedoeling om het openbaar vervoer in Vlaanderen efficiënter te organiseren.

Basisbereikbaarheid staat voor het kunnen bereiken van belangrijke plaatsen en diensten ('maatschappelijke functies') op basis van de vraag van de gebruiker en met een optimale inzet van middelen. Het vervoeraanbod wordt hierbij opgedeeld in vier lagen: een treinnet, een ‘kernnet’ met verbindingen tussen steden en grote woonkernen, een 'aanvullend net' met verbindingen naar buitenwijken en kleinere kernen, en tot slot vervoer op maat via lokale of private initiatieven (zoals belbussen).

Elke vervoerregio een vervoerregioraad

Om basisbereikbaarheid in de praktijk te realiseren werd Vlaanderen ingedeeld in 15 vervoerregio’s. In elke vervoerregio werd een vervoerregioraad opgericht. Deze raden gingen eind 2018 aan de slag, zodat met het nieuwe jaar ook de voorbereidingen voor de uitrol van basisbereikbaarheid en de opmaak van een regionaal mobiliteitsplan van start konden gaan.

De vervoerregioraad speelt in op regionale mobiliteitsuitdagingen en vervoersvragen, en zorgt via samenwerking voor een optimale bereikbaarheid van belangrijke maatschappelijke diensten (scholen, winkels, centra, ziekenhuizen,…). De vervoerregioraad stelt daarvoor een regionaal mobiliteitsplan op. Dat plan tekent het openbaarvervoernetwerk uit en stelt maatregelen voor de verbetering van de doorstroming, de verkeersveiligheid en het fietsbeleid voor en omvat daarnaast ook een concreet actieplan.

Door de invoering van zo’n regionaal mobiliteitsplan worden de gemeentelijke mobiliteitsplannen niet langer verplicht. Steden en gemeenten moeten zich voorbereiden op de opmaak van het mobiliteitsplan door werk te maken van een actueel plan en een duidelijke beleidsvisie.

Wat kunnen we al leren uit de 4 proefprojecten?

Om het concept basisbereikbaarheid uit te testen, werd in 2016 gestart met proefprojecten in de regio's Aalst, Mechelen en de Westhoek. Later werd er ook nog een proefproject opgestart in de regio Antwerpen. Het doel van deze proefprojecten is testen hoe de organisatie en de werking van een vervoerregioraad en het opstellen van een gelaagd plan het best in zijn werk gaan. Daarnaast wordt er ook gezocht naar mogelijke invullingen van het vervoer op maat. Hiervoor werden verschillende pistes verkend:

In Aalst wordt de mogelijkheid onderzocht om de belbus Faluintjes van de gemeente Opwijk breder in te zetten binnen het huidige gebied. Via het project Openbaar Vervoer-buddy’s (OV-buddy’s) wil de vervoerregio de toegankelijkheid van het openbaar vervoer vergroten. Om culturele activiteiten bereikbaar te maken, werd in samenwerking met MAV Oost-Vlaanderen een test uitgevoerd na een voorstelling in CC De Werf. Hierbij konden mensen met een mobiliteitsbeperking de terugrit met het openbaar vervoer bijboeken bij de reservatie van het ticket. De vervoerregioraad denkt na over de uitbreiding van dit idee naar alle culturele centra in de vervoerregio Aalst. Tot slot worden ook de mogelijkheden van de Olympus-app verkend in de regio Aalst.

Mechelen wenst een vraaggestuurde buurtbus (FlexMe) in te schakelen voor de mobiliteit in de regio Bonheiden-Boortmeerbeek en Klein-Brabant. Net zoals in de vervoerregio Aalst wenst men OV-buddy’s in te schakelen over de hele vervoerregio Mechelen. Via de uitbouw van ‘mobipunten’ wenst de vervoerregioraad combimobiliteit op het terrein concreet te implementeren. Hiertoe werd al een visie en indeling opgemaakt door Autodelen.net en Taxistop. Daarnaast wordt ook de kennis en expertise ingezet die opgebouwd wordt binnen het lopend mobiliteitsproject ‘Schakelmobiliteit’ (Mobiel21 vzw), met een specifieke focus op verknoping aan stations.

De Westhoek wenst met het concept Westflex vraaggestuurd vervoer op maat aan te bieden met collectief of openbaar vervoer. Westflex is opgebouwd uit een flexibel vervoersysteem met minibussen en personenwagens, aangevuld met deelauto’s en deelfietsen.

Wat kan je lokale ouderenraad doen?

Het is duidelijk dat basisbereikbaarheid het openbaar vervoer ingrijpend zal veranderen. Dat kan ook in jouw gemeente grote gevolgen hebben. Blijf dus zeker op de hoogte over de veranderingen in jouw gemeente of regio. Denk als ouderenraad na over een plan van aanpak!

Mogelijke pistes zijn:

  • Vraag een toelichting vanuit de gemeente of stad, bevoegdheid mobiliteit, over de gevolgen van de hervorming voor jouw gemeente en welke stappen er op de planning staan;
  • Vraag informatie wat je gemeente of stad wil inbrengen in de vervoerregioraad;
  • Vraag aandacht voor het belang dat elke burger actief ouder kan worden, zo lang mogelijk zelfstandig kan zijn en maatschappelijk kan blijven participeren.
  • Formuleer als lokale ouderenraad een schriftelijk advies over welke bestemmingen en vervoersmogelijkheden belangrijk zijn voor ouderen.

Meer informatie

In de editie van januari 2019 van Actueel (het magazine van de Vlaamse Ouderenraad) verscheen een meer uitgebreid artikel rond basisbereikbaarheid.

Op de website www.basisbereikbaarheid.be vind je, naast meer info over basisbereikbaarheid, ook het rapport over de tussentijdse evaluatie van de proefregio’s.

Ook in het artikel ‘Terugblik studiedag ‘Lokale uitdagingen ontrafeld’ vind je meer info.